Tuinoverpeinzingen 19 oktober 2015

In de vorige Knollentuin staat een mooi grafiekje waaruit blijkt dat het overgrote deel van de leden vlakbij het complex wonen waar ze een tuin hebben. Dat is voor mij niet anders. Dus neem ik de fiets en ga snel nog even naar de tuin.



In deze tijd van het jaar gaat mijn man ervan uit dat ik inderdaad met een uur weer terug ben. Hij belooft voor de koffie te zorgen, over een uur. Vandaag loopt het anders. Ik begin een praatje met de overbuurman en er volgt een heel verhaal over zijn vrouw die de kleine appeltjes niet wil verwerken. Het maakt mij niets uit en ik krijg een plastic zak vol appeltjes mee. Ze zijn wel een beetje zoet zegt de buurman nog. Dat is geen probleem omdat mijn appels juist een beetje zuur zijn.

In de laatste Knollentuin staat iets dat mij verbaasd. Saskya zegt in haar Voorwoord dat er bij haar geen enkele oogst is mislukt of voortijdig opgesnoept door slakken of vogels, kapot gehageld of anderszins verdronken... Ik kan dat van mijn oogst niet zeggen.

Er is echter een andere reden waarom deze zin mij niet los laat. Misschien ben ik de enige die er zo overdenkt maar stiekem vind ik het heerlijk om te klagen over de tuin. Net als het weer is het een geweldig onderwerp om over te zeuren. Het is te koud, te nat, opnieuw te koud, ineens veel te warm, er zijn zoveel slakken, zo weinig lieveheersbeestjes, witte vlieg op de boerenkool... gelukkig hoef ik er niet van te leven zeg ik er dan ook nog achteraan.
Dat lucht flink op en ik kan het leven weer aan.

Ik heb ook nog gewerkt in de tuin, jawel.
De braam is gesnoeid en opgebonden. Al jaren doe ik het op dezelfde manier, beschreven in mijn allereerste boekje over moestuinieren. De nieuwe scheuten worden in het hart van de plant als een bosje aangebonden. Nadat ik al het tweejarig hout verwijderd heb , maak ik het bundeltje los en buig ze naar links en rechts uit en bindt ze op.

Ook de hazelaar moet eraan geloven, hij wordt echt te groot. Ik voel een geweldige snoeibui opkomen en opeens heb ik weer een pad tussen de appel en de hazelaar. En een hele grote  stapel snoeihout. Dat is werk voor later in het jaar.
Tot mijn grote vreugde heeft het kweekgras zich aan de afspraak gehouden. Alle wortels die achtergebleven zijn, zijn keurig uitgelopen. Ik trek zo weer een heleboel uit.

Mijn man gaat pas koffie zetten zodra hij mijn fiets het pas op hoort komen. Je weet maar nooit zegt hij, ook in deze tijd van het jaar. Ik ga zitten met de koffie, zet muziek aan en schil de appels weg. Het is inderdaad iets meer werk om deze appeltjes te schillen en de aangetaste plekjes eruit te snijden. Met een paar van mijn eigen appels eindig ik met heerlijk appelmoes. Een portie voor morgen, een portie gaat de diepvries in.

Leontien

Geen opmerkingen: